Wat is het?
Polio of kinderverlamming is een zeer besmettelijke en mogelijk invaliderende infectie veroorzaakt door het poliovirus. Je kunt besmet geraken via hoesten of niezen, direct contact met besmette personen of met stoelgang besmet voedsel of water.
Het postpoliosyndroom wordt gekenmerkt door geleidelijk of plots optreden van nieuwe klachten, jaren na herstel van een eerste polioaanval (voorkomen 60-90%). De oorzaak is onbekend.

Hoe vaak komt het voor?
Sinds het invoeren van de verplichte poliovaccinatie eind jaren ‘60 van vorige eeuw komt polio bijna niet meer voor in België. Grote delen van de wereld zijn volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) poliovrij. Af en toe doen zich nog kleine opstoten voor in bevolkingsgroepen die de vaccinatie om religieuze redenen weigeren.

Hoe kun je het herkennen?
Infectie met het poliovirus veroorzaakt in meer dan 90% van de gevallen geen klachten. Het herstel is dan volledig. In de overige 10% staan een griepachtig ziektebeeld met koorts, algemeen onwel voelen, keelpijn, spierpijn, misselijkheid en diarree op de voorgrond.
Na enkele dagen ontstaat bij 1-2% aantasting van de motorische zenuwen. Dit zijn de zenuwen die instaan voor de werking van de spieren. Als gevolg hiervan treden asymmetrische verlammingen op. D.w.z. dat ze willekeurige spieren treffen en niet systematisch één lichaamshelft. Je ziet dan een verlamming van bvb. één arm of één been.
Doordat deze verlamde spieren slecht functioneren, stopt ook hun ontwikkeling en ontstaat spierverkorting en beenmisvorming. Dat gebeurt vooral bij kinderen in de groeiperiode. Door aantasting van de ademhalingsspieren kunnen ademhalingsproblemen optreden.
In zeldzame gevallen kan het virus ook de hersenen en het ruggenmerg besmetten. Dit kan slik- en spraakmoeilijkheden en verlamming van de oogspieren veroorzaken. De gevoelszenuwen worden nooit aangetast, dus er zijn geen gevoelsstoornissen. Een paar weken na de eerste symptomen begint het herstel. In 50% van de gevallen is dit volledig, en zijn er geen blijvende letsels.
Het postpoliosyndroom is een geheel van symptomen dat kan ontstaan bij mensen die vroeger polio hebben doorgemaakt. Soms zit er tot 15 jaar tussen het doormaken van polio en het postpoliosyndroom. De voornaamste klachten zijn meestal spierzwakte en spierpijn, gewrichtslast en toegenomen vermoeidheid. Deze symptomen ontstaan doorgaans geleidelijk, maar soms ook vrij plots naar aanleiding van een andere ziekte of een operatie. Deze klachten verdwijnen niet spontaan.

Wat kun je zelf doen?
Inenting tegen polio is in België verplicht. Hoe meer mensen gevaccineerd zijn, hoe minder kans er is op besmetting of het doorgeven ervan. Probeer nooit vaccinatie te ontwijken! Het is strafbaar, je kind kan besmet geraken, en je kunt een infectiebron worden voor anderen. Als je op reis gaat naar een regio waar polio nog voorkomt, is een herhalingsinenting voor vertrek aangewezen.
Er bestaat geen behandeling tegen de ziekte. Bij verlammingsverschijnselen ligt de focus dan ook volledig op revalidatie. Je start het best met een oefentherapie bij de kinesitherapeut. Het is zeer belangrijk dat de familie in dit programma mee ingeschakeld wordt. Je kinesitherapeut zal je oefenschema’s aanleren die je dan zelf thuis kunt uitvoeren. Op regelmatige tijdstippen zal hij een reeks oefensessies invoeren, en variatie aanbrengen in het programma. Op die manier voorkomt men spierverkortingen en misvormingen, en wordt de spierfunctie zo goed mogelijk onderhouden.
Soms zijn aanpassingen aan de woning aangewezen, zoals het gebruik van leuningen langs de muren, of de installatie van een verstelbaar toilet.

Hoe stelt je arts de aandoening vast?
Bij vermoeden van een polio-infectie wordt de diagnose bevestigd via een onderzoek van de stoelgang en/of het hersenvocht, een keeluitstrijkje en een bloedonderzoek.

Wat kan je arts doen?
Polio is een meldingsplichtige ziekte. Dit betekent dat je arts een bevestigde polio-infectie moet melden bij de overheid.
Er zijn geen geneesmiddelen beschikbaar die werkzaam zijn tegen het poliovirus. De behandeling is bijgevolg louter ondersteunend. Je arts zal je verwijzen naar de kinesitherapeut voor revalidatie. Zo nodig kunnen in samenspraak met de specialist (orthopedische) steunapparaten worden aangemeten.

Meer weten?
http://www.polioeradication.org/Dataandmonitoring/Poliothisweek.aspx: lijst met landen waar polio nog voorkomt.

Bronnen
www.ebmpracticenet.be
http://cdn.nimbu.io/s/yba55wt/themes/xtr5dza/images/clock.png?s4w13d8verschenen op 27/12/2015