Wat is het?
Een ‘syndroom’ is een ziektebeeld waarbij een aantal klachten of verschijnselen samen voorkomen. Het syndroom van Tietze duidt op een geheel van pijnklachten ter hoogte van de overgang van ribben naar borstbeen.

De precieze oorzaak is doorgaans onduidelijk. Wel stelt men vast dat voor het optreden van de klachten vaak infecties of operaties aan de borstkas hebben plaatsgevonden. Wellicht omdat je in deze gevallen meer hoest of hyperventileert, geraakt de kraakbeenverbinding tussen ribben en borstbeen overbelast.

Hoe vaak komt het voor?
Ongeveer 10 % van de mensen met pijn ter hoogte van de borstkas blijken na uitsluiting van andere mogelijke oorzaken het syndroom van Tietze te hebben.

Hoe kun je het herkennen?
Mogelijke klachten zijn pijn op de borst bij diep inademen, hoesten, buigen of draaien of bij buikligging. Meestal heb je last ter hoogte van de kraakbeenverbinding van enkele ribben naar het borstbeen.

Hoe kan je arts het herkennen?
Aan de hand van je verhaal, wat vragen en een lichamelijk onderzoek zal je arts oordelen of je mogelijk aan het syndroom van Tietze lijdt. Typische kenmerken zijn pijn, opvallende gevoeligheid bij aanraking van en zwelling rond een of meerdere overgangen van rib naar borstbeen. Bij aanhoudende onduidelijkheid kan aanvullend onderzoek nodig zijn. Zo kan een MRI-scan verdikking en verbreding van het kraakbeen aantonen.

Ondanks de typische klachten dienen andere belangrijke mogelijke oorzaken van pijn op de borst verder te worden onderzocht:
– gewrichtsontstekingen,
– longproblemen (long- of longvliesontsteking, longembolie),
– hartziekten (dreigend hartinfarct, ontsteking van hartzakje of hartspier),
– slokdarmaandoeningen door terugvloei van maagzuur naar de slokdarm,
– kwaadaardige aandoeningen in de borstkas,
– fibromyalgie of chronischvermoeidheidssyndroom.
Dit gebeurt meestal door verschillende specialisten.

Wat kun je zelf doen?
Een ijspak op de pijnlijke plaats leggen, bijvoorbeeld 3 x 10 à 15 minuten per dag, kan helpen om de ontsteking en de pijn te verminderen. Wikkel het ijspak wel steeds eerst in een handdoek om te voorkomen dat die aan je huid vastvriest.

Je kunt ook lokaal een ontstekingswerende zalf proberen, maar pas op voor lokale allergische huidreacties, want deze producten komen in beperkte mate in je bloedbaan terecht. Breng je arts dus op de hoogte dat je deze zalf wil gebruiken en vraag hem om advies, zeker wanneer je bloedverdunnende medicatie neemt (antistollingsmiddelen of aspirine).

Wat kan je arts doen?
Je arts kan je ontstekingsremmers (niet-steroïdale anti-inflammatoire middelen zoals ibuprofen) of paracetamol voorschrijven. Neem de onstekingsremmer liefst niet continu en zeker niet te lang (maximum 2 weken).

Blijf je ondanks bovenstaande maatregelen klachten ondervinden, dan kan je arts ter hoogte van de pijnplaats een inspuiting of infiltratie geven met corticoïden en/of een lokaal pijnstillend middel. Het kan zijn dat hij je hiervoor naar een specialist verwijst.
Het is mogelijk dat de klachten spontaan verdwijnen na 2-3 weken, maar sommige mensen hebben hier veel langer last van (1 tot 2 jaar). In dat geval helpt kinesitherapie om de beweeglijkheid van ribben en bovenrug te bevorderen.

Meer weten?
www.reumafonds.nl/syndroom-van-tietze/over-de-ziekte

Bronnen
www.ebmpracticenet.be

http://cdn.nimbu.io/s/yba55wt/themes/xtr5dza/images/clock.png?3ptsisq