Wat is het?
De ziekte van Alzheimer, ook bekend als alzheimerdementie, is een ziekte die voornamelijk begint met geheugenstoornissen en langzaam evolueert van een lichte naar een ernstige vorm waarbij er naast geheugenstoornissen ook andere klachten kunnen optreden.

Hoe kun je het herkennen?

Lichte vorm
Bij een lichte vorm van alzheimerdementie zal de persoon proberen zijn klachten/symptomen te verbergen of te ontkennen. Geheugenstoornissen betekenen dat men nieuwe informatie moeilijk onthoudt, dat het tijdsbesef vermindert en het uitvoeren van taken moeilijker wordt. Men verliest gemakkelijk de weg, vooral in een vreemde omgeving. Er kunnen gedragsveranderingen optreden: men wordt minder actief en meer teruggetrokken, of depressief. Soms treedt agressie op, bijvoorbeeld wanneer de behandeling door de omgeving als vernederend ervaren wordt. Men kan ook overdreven achterdochtig worden.

Matige vorm
Er is steeds meer nood aan hulp voor de dagelijkse bezigheden (aankleden, wassen). Het besef dat er iets misloopt, groeit. De persoon verliest nu ook de weg in een vertrouwde omgeving. Wanneer de familie of andere verzorgers er niet op letten dat voldoende voedsel wordt ingenomen, dan treedt ernstige vermagering op.

Ernstige vorm
Praten en woorden begrijpen lukken niet meer goed. Stappen en bewegen gaan achteruit. Deze functies kunnen ook helemaal verloren gaan. Men heeft overal hulp voor nodig. Er treedt vaak onvrijwillig urine- of stoelgangverlies op. Aanvallen van vallende ziekte (epilepsie) komen soms voor.

Hoe stelt je arts de aandoening vast?
De arts zal de diagnose stellen op basis van de symptomen en aan de hand van verschillende onderzoeken waaronder vragenlijsten, lichamelijk onderzoek, radiologische onderzoeken en uitzonderlijk ook genetische tests. Hij zal andere aandoeningen van het zenuwstelsel (bijvoorbeeld aderverkalking van de hersenbloedvaten), die qua ziektebeeld erg lijken op de ziekte van Alzheimer, uitsluiten.

Wat kun je zelf doen?
Wees aandachtig voor veranderingen in het geheugen, en contacteer tijdig een arts die de diagnose kan stellen. Is de diagnose gesteld, dan is het belangrijk dat ook de familie en/of mantelzorgers op de hoogte worden gebracht.

Wat kan je arts doen?
Naast de zorg voor de juiste omkadering, kan de arts ook medicatie voorschrijven die helpt om de functionele mogelijkheden van de getroffen persoon te verbeteren en zo opname in een zorginstelling uit te stellen. Indien nodig worden ook bijkomende klachten (agressie, verwardheid,…) met medicatie behandeld. Het effect van de medicatie neemt langzaamaan af; de geneesmiddelen werken bovendien niet bij iedereen even goed.

Bron
www.ebmpracticenet.be
verschenen op 15/11/2013