Wat is het?
Iedereen kan zich moe voelen, hetzij na een lange werkdag, hetzij na een intense sportactiviteit. Moeheid hoeft daarom niet per se abnormaal te zijn. Het is een signaal van je lichaam dat je nood hebt aan een vorm van herstel. Dit herstel kan zowel psychisch als fysiek zijn.

Soms gaat moeheid ook gepaard met andere symptomen en heb je het gevoel dat er meer aan de hand is. Ziekten, maar ook het herstel na een ziekte, kunnen leiden tot uitputting of een algemeen gebrek aan energie. Bij sommige ziekten is moeheid het eerste of zelfs het enige symptoom.
Enkele vaak voorkomende ziekten die vermoeidheid veroorzaken zijn: schildklieraandoeningen (een te traag of te snel werkende schildklier), diabetes, nierziekten, bloedarmoede, infecties, hartfalen, neurologische aandoeningen zoals de ziekte van Parkinson en dementie, fibromyalgie, leverziekten, kanker,… Ook sommige geneesmiddelen kunnen vermoeidheid in de hand werken. Overgewicht (obesitas), longziekten zoals astma en chronische bronchitis, slecht slapen en snurken kunnen eveneens moeheid overdag veroorzaken, net als werkomstandigheden, zoals ploegenarbeid of lange werkdagen.
Bij normale veroudering daalt het prestatievermogen met de leeftijd. Wanneer je sneller vermoeid bent dan je leeftijdsgenoten, dan kan dit wijzen op een bijkomende aandoening.

Burn-out
Burn-out en overspannenheid zijn aandoeningen die vaak gepaard gaan met toenemende uitputting. Dan ben je niet alleen vermoeid op lichamelijk vlak, maar ook op geestelijk vlak.

Overspannenheid en burn-out zijn termen die vaak door elkaar worden gebruikt. Burn-out ontstaat wanneer langdurige blootstelling aan stress het evenwicht tussen je draagkracht en je draaglast aantast. Stress is eigenlijk een aanpassing van je lichaam op een belasting, maar als die aanpassing niet juist gebeurt, kun je een burn-out krijgen. Burn-out is meestal niet het gevolg van veel werk, maar wel van een slechte controle over de stress en de druk (door bijvoorbeeld deadlines) die je werk met zich meebrengen of van werk dat je niet ligt.

Chronischevermoeidheidssyndroom of CVS
CVS is een complexe problematiek waarover heel wat discussie is, zowel over het bestaan van de aandoening als over de aanpak ervan. Het syndroom wordt almaar meer erkend.
Men kan de diagnose van CVS pas stellen als een persoon voldoet aan een aantal criteria. Langdurige vermoeidheid is uiteraard het belangrijkste symptoom, en gaat bij CVS vaak gepaard met klachten als keelpijn, gevoelige lymfeklieren en een niet-verkwikkende slaap. Andere verschijnselen zoals spier- en gewrichtsklachten, hoofdpijn en een onaangenaam gevoel na fysieke activiteit komen ook voor. De diagnose is en blijft moeilijk. Tal van medische onderzoeken gaan de diagnose vaak vooraf.
CVS blijft tot op heden een slecht begrepen aandoening. De oorzaak is niet goed gekend. Er bestaan meerdere theorieën, maar geen enkele is duidelijk bewezen. Mogelijk zou CVS te wijten zijn aan een eerder doorgemaakte infectie waarvan men niet goed is hersteld en/of aan een verstoorde hormonenbalans. Typisch voor CVS is dat de vermoeidheid langer aanhoudt dan 6 maanden. Ook psychosociale factoren spelen een belangrijke rol.
Behandeling bestaat onder andere uit cognitieve gedragstherapie en medicatie. Geneesmiddelen zijn meestal weinig of niet doeltreffend bij de behandeling van CVS; vitaminen en andere voedingssupplementen evenmin. Geneesmiddelen kunnen daarentegen wel belangrijke bijwerkingen hebben.
Blijvende lichamelijke activiteit heeft bij CVS een gunstig effect op de vermoeidheid. Je arts en je kinesitherapeut kunnen je hierbij helpen. Er bestaan ook centra in België die gespecialiseerd zijn in de aanpak van CVS.

Hoe vaak komt het voor?
Vermoeidheid is een heel frequent gehoorde klacht in de huisartspraktijk. Ongeveer 1% van alle mensen die jaarlijks de huisarts bezoeken, meldt zich aan met vermoeidheidsklachten. Bij slechts 20 tot 30% die hun huisarts contacteert omwille van vermoeidheid, wordt een onderliggende oorzaak gevonden. Bij 75% van de patiënten met vermoeidheid als klacht spelen psychosociale factoren een rol.

Hoe kun je het herkennen?
Je ervaart vermoeidheid die je voorheen nooit zo hebt gevoeld. De vermoeidheid is niet tijdelijk. Je bent niet meer in staat om dezelfde activiteiten te doen op hetzelfde tempo als je gewend was. Na een fysieke of mentale inspanning heb je veel meer tijd nodig om te herstellen. Je bent moe, maar veel slapen lijkt het probleem niet op te lossen. Soms blijft de vermoeidheid bestaan en wordt ze erger na fysieke activiteit. Je reageert minder snel op bepaalde prikkels, je bent verstrooid en je hebt de indruk dat je heel veel vergeet. De vermoeidheid kan gepaard gaan met piekeren, neerslachtigheid, algemene futloosheid en geen plezier meer beleven aan zaken waarin je voordien wel plezier had. Dit kan echter ook wijzen op een onderliggende depressie.

Hoe stelt je arts de diagnose?
Je arts kan samen met jou op zoek gaan naar mogelijke oorzaken van je vermoeidheid. Artsen bekijken de vermoeidheidsklachten vanuit een lichamelijk, geestelijk en sociaal oogpunt. Daarom zal je arts je een aantal gerichte vragen stellen om zo gedetailleerd mogelijk na te gaan wat je precies bedoelt met vermoeidheid en wat de oorzaak kan zijn.
De arts zal belangrijke oorzaken zoals burn–out, depressie of ernstige inwendige ziekten proberen uit te sluiten. Daarom kan hij beslissen tot verdere onderzoeken.
Is vermoeidheid het enige symptoom, dan zijn de voordelen om tal van onderzoeken uit te voeren vrij beperkt. Ze dienen eerder om ziekten uit te sluiten dan om ze aan te tonen. Een bloed- en urineonderzoek behoren doorgaans tot de eerste onderzoeken. Ze kunnen uitgebreid worden met een ECG (waarbij de elektrische signalen van het hart gemeten worden) of een röntgenfoto van de longen.

Wat kun je zelf doen?
Ook al is de vermoeidheid dermate uitgesproken, een goede lichaamshygiëne blijft belangrijk. Hiermee bedoelen we dat een gezonde leefstijl de hoeksteen is van de behandeling: matig alcoholgebruik, stoppen met roken, in beweging blijven, gezond en gevarieerd eten. Zorg voor een goede slaaphygiëne. Streef, indien nodig, een gezond gewicht na.
Hoewel de drempel om te bewegen zeer groot kan zijn, is het wetenschappelijk bewezen dat actief blijven bijdraagt tot een verbetering van de klachten. Bespreek met je arts of kinesitherapeut op voorhand welke soort lichamelijke beweging het best is en hoe intensief die moet zijn. Vermeld aan je arts ook alle geneesmiddelen die je inneemt.

Wat kan je arts doen?
Nadat de diagnose is gesteld, of wanneer de oorzaak van de vermoeidheid gekend is, kan je arts een behandeling instellen. Deze is afhankelijk van het onderliggend probleem. Is er een onderliggende ziekte, dan dient die aangepakt te worden.
Het hele behandelingstraject moet goed gecoördineerd verlopen. Daarom is een goede relatie met je huisarts heel belangrijk, want hij kan je dossier volledig beheren. Op die manier vermijd je heel wat onnodige en dubbele onderzoeken. Je huisarts ondersteunt en motiveert je ook in je behandelingen en kan je coachen in het aanwenden van een gezonde leefstijl.

Bronnen
www.ebmpracticenet.be
www.domusmedica.be
www.henw.org
http://www.diliguide.nl/document/3435
NHG-richtlijn Overspanning en burn-out

Rogiers R, et al. Help, ik zit erdoor. Over stress, surmenage en burn out (deel 1). Huisarts Nu 2012;41(2):62-66.
Haines LC, Saidi G, Cooke RW. Prevalence of severe fatigue in primary care. Arch Dis Child 2005;90(4):367-8

verschenen op 31/01/2014